Wie de Groenestraat omhoog rijdt en rechtsaf de St. Annastraat inslaat, beseft het waarschijnlijk niet. Diep onder die afslag bij het kantoor van BGH Accountants ligt een enorm keldercomplex. Hoezo dat dan? Geschiedschrijver Paul van der Heijden zocht het uit.
Eeuwenlang staat op de hoek van de St. Annastraat en de Groenestraat het buitenverblijf Oud St. Anna. Aan wat toen nog de Mooksebaan heet, in het gehucht St. Anna. In 1850 bouwt de Duitse Nijmegenaar Heinrich Hilarius Martzeller op die plek een bierbrouwerij. Die komt in 1878 in handen van de Amsterdammer Alexander Mercier.
Kelders
Mercier installeert een stoommachine in de fabriek en noemt zijn onderneming Stoombierbrouwerij St. Annaberg. Om meer bier te kunnen produceren en de koeling ervan te vergemakkelijken laat hij rond 1883 op acht meter diepte een enorme kelderruimte van bijna 600 vierkante meter aanleggen. Het Nijmeegse bier is in heel Nederland populair, met verkoopagenten in Amsterdam, Den Haag en Zwolle. Bockbier, St. Anna’s Tafelbier, Nieuw Licht.
Hoog boven die kelders rijden we tegenwoordig dus naar de St. Annastraat. Terwijl ver beneden ons fraai gemetselde gewelven drie bier- en drie ijskelders overspannen.
Ondergronds
Nijmegenaar Paul van der Heijden maakt wetenschappelijk historisch onderzoek toegankelijk voor een groot publiek. En is al lange tijd geboeid door ‘ondergronds Nijmegen’: kelders, riolen, bunkers, graven en wat dies meer zij, uit alle tijdperken. “Bij het bouwrijp maken van het hoekterrein voor de bouw van het BGH-kantoor heeft de gemeentelijke archeologische dienst in 2002 de kelders daar onderzocht, in kaart gebracht en gefotografeerd. Met spectaculaire beelden als resultaat!”
Onderzoek
“In het toenmalige wijkblad Hazannekamp verscheen in 2015 een foto en ik was meteen gefascineerd. Ik wilde alles weten: sinds wanneer liggen die kelders daar? En waarom? Daarop begon ik de geschiedenis van de plek in kaart te brengen”, doet Van der Heijden enthousiast uit de doeken. “Maar pas een paar maanden geleden ontdekte ik de ontwerptekeningen van de kelders van Mercier uit 1879! En wanneer ze ongeveer zijn aangelegd.”
Fabrieken
Na 1892 verdwijnt de bierbrouwerij uit de archieven, waarschijnlijk omdat ze niet meer actief is. In 1905 verschijnt het pand weer op de radar, als de Duitser Carl Jacobi er een ‘koper- en blikslagerij en smederij’ in begint. Hij produceert er luchtbevochtigings- en ventilatiesystemen. In de jaren twintig herbergt het gebouw technische handelsmaatschappij Phoenix, ook wel de ‘kistenfabriek’ genoemd. Tien jaar later vinden we er Houtwarenfabriek ‘De Hoop’.
Banketbakkerij Vis
In de twintiger jaren wordt de villa pal naast het fabriekspand omgebouwd tot woonhuis met winkel, naar een ontwerp van de bekende Nijmeegse architect Charles Estourgie. Daar, op St. Annastraat 250, vestigt zich dan ‘door elektriciteit gedreven banketbakkerij’ Vis. Die er actief is tot in de jaren zestig.
Schuilkelders
Na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in 1940 zoekt het gemeentebestuur leegstaande kelders om als schuilplaats in te richten. Als Martinus Veugelers – dan eigenaar van de kelders aan de Groenestraat – zijn medewerking weigert, vordert de gemeente de naastgelegen kelders onder de fabriek. De bierkelders zelf zijn te gevaarlijk omdat een geschikte uitgang ontbreekt.
Tijdens de gevechten rond de bevrijding van Nijmegen in september 1944 betrekken buurtbewoners desondanks ook die lager gelegen ruimtes. Reden voor de gemeente die kelders alsnog geschikt te maken, zoals met een goede nooduitgang. Zo kunnen ze uiteindelijk plaats bieden aan 576 personen. Een van de grootste Nijmeegse schuilkelders.
Sloop
In 1973 worden het oude fabrieksgebouw en de naastgelegen winkel op de hoek gesloopt ter verbreding van de Groenestraat en afslag naar de St. Annastraat. De oorspronkelijke ingang van de kelders wordt daarmee afgesloten.
Vervolgonderzoek
“Er valt nog veel meer te onderzoeken over dit ondergrondse complex”, vervolgt Van der Heijden. “Over de kelderarchitectuur bijvoorbeeld. Hoe zijn de kelders precies aangelegd, waar lieten ze al dat afgegraven zand? Dat moet een enorme bouwput geweest zijn. En waarom heeft de stoombierbrouwerij maar zo kort gefunctioneerd? Ik hoop van harte dat iemand dat oppikt.”
Monument
“Sowieso vind ik oprecht dat de kelders een gemeentelijk industrieel monument moeten worden. Dat zou vervolgonderzoek gemakkelijker maken. En tevens behoud en bescherming kunnen bevorderen. Want al ligt het op een ongelukkige plek, het is een fantastische ruimte, waarmee je van alles kunt, misschien ook wel vanuit de wijk. Al is het maar een openstelling op monumentendag. Want dat is toch nog steeds wel een eigen frustratie: vanwege de moeilijke toegang, heb ik er zelf nog nooit binnen kunnen kijken.”
Tekst: Marijn Alofs
Foto: Huub Luijten










